#caption
#caption


Bussemaker zet stimuleringsbeleid zelfregulering vrouwen aan de top voort

Minister Bussemaker heeft op 16 november 2015 de Tweede Kamer in een brief geïnformeerd over de voortgang van haar beleid om het aantal vrouwen in de top van bedrijven te verhogen. In haar brief constateert zij dat de geboekte vooruitgang simpelweg onvoldoende is. Het instellen van een quotum, waarvoor de NVR al enkele malen bij de minister heeft gepleit, vindt zij echter een paardenmiddel dat niet zonder meer past binnen de Nederlandse cultuur.

Om een quotum te voorkomen, wil de minister maximaal inzetten op het stimuleren van zelfregulering door de inzet die zij eerder al samen met de voorzitter van VNO-NCW heeft ontwikkeld, voort te zetten en te intensiveren.

Die intensiveringen zijn onder meer:
•    Uitbreiden van de doelgroep van de aanpak. Was de top 200, zal nu de hele doelgroep van 4.900 bedrijven die onder de Wbt vallen omvatten. Ook organisaties uit de (semi)publieke sector kunnen een beroep doen op de databank.
•    Voortzetten van actieve rol van kwartiermakers naar voorbeeld uit VK. De rol van Gerdi Verbeet zal overgenomen worden door een nieuwe kwartiermaker. Leo Houwen zal zijn rol voortzetten.
•    Intensiveren van de aandacht via Naming en Faming.
•    Meer werk maken van de naleving. Bedrijven zullen hierop steviger aangesproken worden. Er zijn hiertoe ook contacten met de beroepsvereniging voor Accountants.
•    Onderzoek naar de “black box” van matching van vraag en aanbod mede in relatie tot de Topvrouwendatabank.
•    Intensiever erbij betrekken van alle stakeholders: bedrijven, vrouwen, searchbureaus maar ook aandeelhouders en accountants.   
•    De aanbeveling van de commissie om diversiteit prominenter plek te geven in de corporate governance code overbrengen aan de commissie die onder voorzitterschap van Jaap van Manen nu met de actualisatie bezig is.  
•    De monitoring zal worden voortgezet.

Minister Bussemaker zal voorjaar 2017 wederom de balans opmaken. 

In de brief informeert de minister over de resultaten van de bedrijvenmonitor, waarin de stand van zaken wordt weergegeven bij de 4.900 bedrijven die onder de Wet bestuur en toezicht vallen. In de aanpak die de minister samen met de voorzitter van de werkgeversorganisatie VNO-NCW heeft ontwikkeld, hebben zij zich primair gericht op de 200 grootste bedrijven die onder de Wet bestuur en toezicht vallen. Ook gaat zij in haar brief in op de monitorresultaten voor deze Top 200, op de aanbevelingen van de commissie Monitoring, en op de resultaten van een internationaal vergelijkend onderzoek naar het beleid voor m/v diversiteit aan de top.

Zie de volledige tekst van de Kamerbrief >>

Factsheet Bedrijvenmonitor 2012-2015
Vrouwen in de wachtkamer, Bedrijvenmonitor 2012-2015
Internationale voorbeelden beleid topvrouwen, Atria


Uitgebreid zoeken

              
                WMNL 
                 
    GWI             
              
           
  
        
  
  
    GWI 
  
     
        
  
  
  
 WMNL