#caption
#caption


KNOV: Geïntegreerde geboortezorg

“Verloskundigen zijn pittige vrouwen in een media-gevoelig beroep,” aldus Mieke Beentjes, voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV). In een restaurant in het vernieuwde centrum van Eindhoven hebben wij een levendig gesprek. Dat het een typisch vrouwenberoep is kan niemand ontkennen, zeggen wij tegen elkaar; en je hebt zo intensief met vrouwenproblematiek te maken.

Mieke zit al 25 jaar in het vak en is gepassioneerd en strijdbaar. Haar bestuur is druk bezig met de modernisering van de KNOV. De organisatie wil méér sterke regionale samenwerkingsverbanden smeden die een meerwaarde hebben voor de landelijke vereniging. “Ik wil verloskunde meenemen naar de voorkant van het beleid en lastige thema’s die leven in het land, bespreekbaar maken,” vertelt Mieke.

 

Meer dan honderd jaar geleden werd in Nederland de eerste regionale vroedvrouwenvereniging opgericht: de Bond van Vrouwelijke Verloskundigen. De KNOV met zo’n 3600 leden is de hedendaagse versie. “In ons bestand is 95% eerstelijns verloskundige en de overigen zijn klinisch werkzaam in ziekenhuizen. In ziekenhuizen richten wij ons op de extra, complementaire zorg. De belangrijkste zorg van de KNVO is gericht op de wijk, op de basisbegeleiding van vrouwen in hun eigen omgeving. Dat blijft nodig.”

 

Verloskunde mag een oud beroep zijn, de vrouwen in het vak blijken relatief jong. De meeste actieve verloskundigen zijn niet ouder dan 40 jaar. “Je hebt als kleine zelfstandige vaak een 53-urige werkweek en moet ten alle tijden beschikbaar zijn. Door de zwaarte van het beroep zie je dat het aantal actieve verloskundigen boven de 50 hard naar beneden gaat”.

Mieke wil als verloskundige meer verbinding met de vrouwen zelf. “In Engeland is er bijvoorbeeld een vrouwennetwerk rond zwangerschap, geboorte en kind georganiseerd: centering pregnancies en centering parenting. Een mooi concept met goede resultaten. Het doel is om vrouwen binnen de medische zorg te versterken in hun kracht en te verbinden.”

 

Voorlichting is hier onlosmakelijk mee verbonden. “Als verloskundige heb je een signaleringsfunctie. Je zit aan de keukentafel met de mannen om zaken te regelen voor na de bevalling; je helpt de transitie naar ouderschap te organiseren en je licht voor hoe gezond te blijven tijdens en na de zwangerschap. Zo’n overgang in het leven van ouders wordt zwaar onderschat,” vindt Mieke.  “Je inzet moet er vaak toe leiden dat daar keiharde afspraken over kunnen worden gemaakt. Vrouwen hebben recht op goede informatie om goede keuzes te maken. Het is belangrijk dat zij meer een stem krijgen over hun eigen proces. Baas over je eigen zwangerschap en de geboorte is een groot goed, dat is je recht.”

 

“De Nederlandse Vrouwen Raad heeft voor de KNVO ook een verbindende rol,” vindt Mieke. “Een eigentijdse verbinding van vrouwelijke medici en paramedici rond de verloskunde en de zorg aan vrouwen is een actueel thema. Hoe geef je zorg aan vrouwen in Nederland in een kwetsbare periode van hun leven. Als organisaties daarin samen optrekken om vrouwen te bedienen, geeft dat een meerwaarde. Het gaat uiteindelijk om de balans tussen werk, gezin en gezondheid!”


Uitgebreid zoeken